Als je op zoek bent naar een land waar avontuur, rust en cultuur samenkomen, dan is Laos backpacken een ervaring die je niet snel loslaat. De sfeer is anders dan in veel andere Aziatische landen. Alles lijkt er net een tikkeltje trager te gaan, mensen zijn vriendelijk en je merkt dat toerisme hier nog niet alles bepaalt. Dat geeft je de kans om echt op ontdekking te gaan, zonder dat je het gevoel hebt dat je in een toeristen show bent beland. Het bijzondere van Laos zit hem in de kleine dingen: een ochtendmist boven de Mekong, kinderen die zwaaien langs de kant van de weg, een markt waar niemand haast lijkt te hebben. Als je openstaat voor onverwachte momenten, dan is Laos misschien wel precies wat je zoekt. Reizen met je rugzak door dit land geeft je de vrijheid om te gaan en staan waar je wilt. Je ontdekt plekken die je op Google Maps niet altijd vindt en je ontmoet mensen die je reis een eigen gezicht geven.
Waarom je tempo vanzelf omlaag gaat
Zodra je aankomt in Laos, voel je dat je tempo vanzelf daalt. De hoofdstad Vientiane is relatief rustig, zeker in vergelijking met andere Aziatische hoofdsteden zoals Bangkok of Hanoi. In plaats van drukke wegen en toeterende taxi’s vind je hier brede boulevards, tempels en koffietentjes waar je zomaar een uur blijft zitten. Je hoeft niet op de klok te letten, want haast lijkt hier niet te bestaan. Dat merk je ook als je bijvoorbeeld naar het noorden reist, richting Luang Prabang. Daar bezoek je de Kuang Si watervallen, die niet alleen prachtig zijn om te zien, maar ook uitnodigen om te blijven hangen en te zwemmen in het turquoise water. Alles voelt minder gejaagd. Je komt in een ritme waarin je meer geniet van wat er is, in plaats van steeds vooruit te kijken naar wat er nog moet komen. Laos dwingt je bijna om te ontspannen.
De kracht van het onbekende
In Laos kom je op plekken die je niet altijd in reisgidsen vindt. Vanuit het backpackers dorp Vang Vieng, dat vroeger bekend stond om feesten, kun je nu kajakken, ziplinen of hiken door grotten en rijstvelden. Voor zo’n tour betaal je ongeveer 20 tot 30 euro, inclusief lunch en vervoer. Maar de mooiste ervaring beleef je vaak juist als je niets plant. Je pakt een brommer in Pakse en rijdt het Bolaven Plateau op, waar je onderweg watervallen en koffieplantages tegenkomt. Of je vaart met een houten boot naar een van de 4000 eilanden in het zuiden, waar je geen verkeer hoort en je dagritme wordt bepaald door het opkomen en ondergaan van de zon. Dat je soms een bus mist of een nacht moet slapen zonder airco, hoort erbij. Juist die momenten maken je reis echt. Je leert dat het niet erg is als het even anders loopt dan gedacht.
Hoe contact met mensen je reis verandert
Wat veel indruk maakt tijdens het backpacken in Laos is hoe je mensen ontmoet. Je zit in een minibus naar Nong Khiaw, een dorp tussen de bergen, en raakt in gesprek met iemand uit Canada die al weken door Zuidoost-Azië reist. Je komt aan bij een guesthouse waar je de kamer deelt met iemand uit Frankrijk die net terugkomt van een drie daagse jungletocht. Of je ontmoet een monnik bij een tempel die je uitnodigt voor een praatje. Je leert over hun leven en deelt jouw verhaal. Vaak zijn het simpele gesprekken, maar ze blijven je bij. De Laotiaanse bevolking zelf is ook erg vriendelijk, al spreken ze niet altijd goed Engels. Een glimlach of een klein gebaar zegt vaak genoeg. Het gevoel dat je welkom bent, ook als je niemand kent, maakt backpacken door Laos zo bijzonder.
Laos backpacken als manier om los te laten
Als je met je rugzak door Laos trekt, merk je hoe makkelijk het is om dingen los te laten. Je hebt niet veel nodig: een shirt, een broek, slippers en een fles water zijn vaak al genoeg. Accommodaties zijn betaalbaar, vaak tussen de 5 en 15 euro per nacht voor een eenvoudige kamer of dorm. Je eet voor een paar euro per maaltijd op een markt of in een lokaal restaurant. En als je geen wifi hebt, merk je dat je toch prima je dag doorkomt. Je komt los van alles wat thuis belangrijk lijkt. Geen deadlines, geen meldingen, geen druk. Alleen jij, je rugzak en de weg voor je. Laos laat je voelen dat reizen niet gaat om veel doen, maar om veel ervaren. Niet om af te vinken wat je hebt gezien, maar om mee te maken hoe het is om ergens echt te zijn.
Terugkijken met een glimlach
Als je na weken weer op het vliegveld staat om naar huis te gaan, voelt het alsof je iets achterlaat. Niet alleen het land, maar ook een deel van jezelf dat daar even mocht zijn zonder druk. Je denkt terug aan de momenten dat je in een hangmat lag op Don Det, een van de eilanden in het zuiden, terwijl buffels in de rivier afkoeling zochten. Of aan die avond in Luang Prabang waarop je door de avondmarkt liep en handgemaakte souvenirs bekeek. Laos backpacken blijft hangen, niet omdat het altijd spectaculair was, maar omdat het echt was. Je voelde je daar jezelf, los van alles wat thuis speelt. En misschien is dat wel wat reizen door Laos zo bijzonder maakt. Dat het je iets geeft wat je nergens anders op doet. Iets wat je meeneemt, lang nadat je weer thuis bent.




